di 24 mrt.

Conflict in Midden-Oosten vertaalt zich direct in sterk stijgende kosten en margedruk bij Limburgse bedrijven

  • 9 op 10 bedrijven voelen nu al concrete impact, vooral op vlak van energie- grondstof- en transportprijzen die de lucht inschieten.
  • 1 op 3 Limburgse bedrijven voelt marges onder zware druk komen
  • 1 op 4 voelt al effect op verkoop of bestellingen
  • 1 op 5 spreekt over verstoorde toelevering

Het conflict in het Midden-Oosten heeft vandaag al een duidelijke en brede impact op Limburgse bedrijven, of ze nu internationaal actief zijn of niet. Uit een actualiteitsbevraging van VKW en UNIZO Limburg blijkt dat stijgende kosten, druk op marges en uitgestelde investeringen zich steeds nadrukkelijker laten voelen. De cijfers tonen hoe internationale spanningen zich snel vertalen naar concrete economische uitdagingen op regionaal niveau.  Waardoor de nood aan stabiliserende, ondersteunende en vooruitziende maatregelen om de impact op onze economie te verminderen en te beheersen prioritair is. Slechts 14% van de ondernemingen geeft aan momenteel nog geen impact te ondervinden.

Kostenstijging

Die impact vertaalt zich in de eerste plaats in oplopende kosten. Een ruime meerderheid van de ondernemingen geeft aan geconfronteerd te worden met stijgende energieprijzen (63%), transportkosten (52%) en grondstofprijzen (46%). Die twee laatste spelen bij kleinhandel en diensten iets minder sterk, maar lopen bij bouw, groothandel of productiebedrijven op tot ruim in de 80%. De grote meerderheid van de Limburgse bedrijven wordt dezer dagen om de oren geslagen met prijsverhogingen. De snelheid waarmee dit gebeurt is opvallend. Geleerd door het (recente) verleden trachten bedrijven zelf ook proactief te reageren, ongetwijfeld soms ook met een deels opportunistische insteek en met belangrijke cascade-effecten tot gevolg.

Ruben Lemmens en Bart Lodewyckx, gedelegeerd bestuurder VKW en UNIZO Limburg: “Wat we vandaag zien, is dat internationale conflicten zich razendsnel vertalen naar hogere kosten voor onze Limburgse bedrijven. Vooral de combinatie van stijgende energie-, transport- en grondstofprijzen zet de rendabiliteit van veel ondernemingen sterk onder druk. Daarop tracht men te reageren of te anticiperen. Maar voor heel wat ondernemers is het verre van evident om die extra kosten door te rekenen. Nu Europa de bal voor de aanpak van de energiecrisis in het kamp van de lidstaten heeft gelegd, verwachten we dat de federale en gewestelijke regeringen snel en duidelijk spijkers met koppen slaan over  de aanpak van de bestaande en oplopende energiehandicap voor onze bedrijven. De in het vooruitzicht gestelde energienorm moet een spoeduitrol krijgen, samen met een voelbare verlaging van de nettarieven, in de eerste plaats voor onze energie-intensieve bedrijven en kmo’s.”

Het gevolg is dat naast de directe kostenstijgingen ondernemingen vooral ook een toenemende druk op hun rendabiliteit ervaren. Eén op drie bedrijven (31%) geeft nu al aan dat de marges nog meer onder druk komen te staan, oplopend tot 45% in de bouwsector en 56% in de groothandel.  

Vinger op de knip

Mede daardoor reageren bedrijven, maar evident ook consumenten, ook langs kostenzijde. Uitgaven worden uitgesteld en dat laat zich al direct voelen in de orderintake van de Limburgse bedrijven. Een kwart van hen signaleert al duidelijke vertragingen in bestellingen of verkoop (24%), oplopend tot 44% bij de groothandelsbedrijven. Ook de exportcijfers van 1 op 7 van de Limburgse exporteurs (15%) lijden hier vandaag al onder.

Aan de keerzijde geeft 1 op 5 bedrijven (19%) aan omwille in het Midden-Oosten zelf vandaag ook investeringen uit te uitstellen of zelfs af te stellen. Bij de kleine bedrijven loopt dit op richting 30%. 

Verstoringen

Ongeveer evenveel bedrijven (18%) ondervindt vandaag al verstoringen in de toeleveringsketen door logistieke of andere problemen. Effectieve productieonderbrekingen blijven op dit moment gelukkig nog grotendeels uit (3%), hoewel 12% toch ook levertermijnen moet bijstellen.

Ruben Lemmens en Bart Lodewyckx: “De onmiddellijke impact op de investeringsbereidheid is natuurlijk niet onverwacht, maar baart wel zorgen. Want die stond al op een erg laag pitje. Wanneer daarbovenop één op vijf ondernemingen investeringen uitstelt en marges onder druk staan, dreigt dat op termijn de groei en competitiviteit van onze economie serieus stokken in de wielen te steken. Ondernemers hebben meer dan ooit nood aan stabiliteit en voorspelbaarheid om te blijven investeren.”

Maar de impact beperkt zich niet tot kosten alleen. Minder frequent, maar niet onbelangrijk, zijn effecten zoals zakelijke reisbeperkingen (8%). Niet voor ieder bedrijf op dit moment een issue, maar bij grote en internationale actieve bedrijven leidt dit bij een kwart (25%) al tot hinderlijke effecten.

Loonkosten

Directe impact op de bestaande loonkost deze maand al is eerder onwaarschijnlijk, maar kan wel ingegeven zijn door extra inzet van mensen die nodig is. Dat de grote prijsstijgingen, zeker als ze nog een tijd aanhouden, al onze bedrijven zwaar zullen benadelen, staat door de automatische loonindexering als een paal boven water. Het Planbureau verhoogde twee weken geleden de inflatieverwachtingen voor 2026 al fors. De vrees voor nog meer concurrentieel nadeel ten opzichte van de ons omringende landen is dan ook erg groot en zien we ook in de cijfers doorsijpelen.

Ruben en Bart: “Het zou getuigen van sterk beleid als onze beleidsmakers deze keer vooruit zouden denken en ervoor zorgen dat de competitiviteit van onze bedrijven niet onnodig opnieuw sneller en harder achteruitgaat dan die van onze buurlanden. Dat kan door een éénmalige indexsprong of door de automatische loonindexering minstens te vertragen en bovendien de fouten in de indexberekening recht te zetten. Zo kunnen alle fossiele brandstoffen uit de indexberekening gehaald worden. Dat is niet alleen duurzamer voor het klimaat, maar vooral ook voor onze economie, door het matigend effect bij een energieschok als deze. Bovendien moet de manier waarop energie-inflatie wordt gemeten nauwkeuriger worden. Vandaag wordt vooral gekeken naar nieuwe elektriciteitscontracten, terwijl veel gezinnen nog lopende contracten hebben. Dat is een ernstige weeffout. Tijdens een energiecrisis leidt dit tot een overschatting van de inflatie, waardoor onze bedrijven nóg sneller hogere lonen moeten betalen dan hun buitenlandse concurrenten -  bovenop het effect van de automatische indexering zelf. Gaan we weer diezelfde fout maken? Laten we stoppen met onszelf in de voet te schieten. Dit kan en moet onmiddellijk rechtgezet worden.”